auteur: Maurice, geplaatst: 2002-04-25, laatste update: 2002-04-25, populariteit: 25100+
"The nice thing about standards is that you have so many to choose from" Andrew S. Tanenbaum
Zelfs in je huiskamer wordt je omgeven met standaarden: RF, S-Video, SCART, RGB, composite, component, NTSC, PAL, DIN, tulp, BNC, VHS, S-VHS, VideoCD, DVD, Hi8, Video8, PAL, NTSC, SECAM... Nee, het is dus geen schande als je de weg even kwijt bent... je zou er bijna een paar mensen voor gaan gijzelen...
Op de RuweBit mailinglist is het begonnen met vragen over composite, S-Video en RGB. Ik heb wat extra standaarden erbij gezocht en in dit artikel verenigd. Dit artikel is niet te technisch opgeet en gaat vooral in op de verwarring die er heerst. Hopelijk is die minder na het lezen ervan...
Correcties en aanvullingen zijn altijd welkom. De foto's in dit artikel komen vanaf verschillende bronnen op Internet.
1. Video-signalen en aansluitingen
Video-signalen en de meest gebruikte aansluitingen worden van slechtste kwaliteit tot beste kwaliteit in dit hoofdstuk beschreven.
RF. RF staat voor radio frequency. Dit is het televisiesignaal dat via de COAX kabel van de antenne (of de kabelmaatschappij) naar je televisie gaat. Het voldoet voor normale TV-uitzendingen, maar de kwaliteit is echter erg belabberd voor het aansluiten van je videorecorder: kleuren worden uitgesmeerd en storingen verschijnen. Soms wordt ook de term HF (High Frequency) gebruikt.
Meest gebruikte aansluitingen: de bekende male/female COAX-connectoren, BNC en de RF-connector.
Composite (aka CVBS, oftewel Composite Video Blanking Sync) wil zeggen dat alle kleuren en de helderheid door elkaar worden gemixt, verzonden worden door een kabeltje en aan de andere kant weer zo goed mogelijk worden ontcijfert. De kwaliteit is veel beter dan RF, maar het doet te kort om bijvoorbeeld je DVD-speler via composite op je TV aan te sluiten.
Composite video gebruikt een gele tulp (aka RCA, aka cinch) connector. Aansluitingen kunnen de opdrukken video, composite, CVBS of baseband dragen.
S-Video (aka Y/C) is al een hele vooruitgang. De S staat voor super de Y/C staat voor Luminance en Chrominance. De luminance is het monochrome gedeelte van het signaal, de chrominance bevat de kleuren. De signalen worden door twee aparte aders gestuurd en in het TV toestel (of monitor of beamer etc) worden de beide signalen pas weer gemixt, waardoor een beter beeld ontstaat dan bij composite.
S-Video maakt gebruik van een kleine 4-pins DIN aansluiting.
RGB (red, green, blue) biedt een betere kwaliteit doordat elke kleur een aparte ader heeft gekregen. Aansluitingen zijn meestal in de vorm van SCART (aka Euro A/V connector), maar soms worden ook 3 aparte tulp connectors in pastelkleuren in rood, groen en blauw. Op de wat oudere aparaten kun je ook een grote DIN-stekker aantreffen waar RGB vaak samen met audio in zit verenigd. Op duurdere aparatuur of op monitoren worden ook veelal de minder storingsgevoelige BNC aansluitingen gebruikt.
YUV (aka Y Pb Pr) zorgt volgens sommigen voor een nog betere kwaliteit dan RGB, maar anderen zeggen dat het dezelfde kwaliteit biedt. Y staat wederom voor Luminance, U en V bevatten de chrominance (de kleuren dus). Ook nu weer 3 signalen die door drie aparte aders reizen.
Net zoals bij RGB komen de aansluitingen in de vorm van tulp of BNC, soms ook SCART (zie speciaal stukje over SCART). Om de verwarring nog groter te maken zijn de tulps vaak in dezelfde kleuren als bij RGB. Deze aansluitingen kunnen de namen YUV, color difference, YPbPr, of Y/B-Y/R-Y dragen.
Om de verwarring helemaal compleet te maken: officeel staat de term component/ voor allerlei gescheiden videosignalen, zoals RGB en YUV. In de volksmond wordt component echter gebruikt om YUV aan te duiden. Verwar component echter niet met composite, dat is een wereld van verschil.
RGB met H en V sync. Bij deze vorm worden ook de horizontale (H) en verticale (V) synchronisatie signalen apart verzonden. Vaak worden BNC aansluitingen gebruikt, tulp kan ook, maar de meest bekende is de 15-pins Dsub VGA aansluiting.
SCART staat voor Syndicat francais des Constructeurs d'Appareils Radio et Television en is ook bekend onder de naam Euro A/V connector of A/V Euro-connector. Zoals de naam doet vermoeden een Europese standaard dus.
Zoals uit het voorgaande blijkt kunnen er meerdere soorten signalen door een SCART kabel reizen: composite, S-Video, RGB en audio (stereo). SCART is officieel niet bedoeld voor YUV, maar het gebeurt wel dat er YUV over een SCART-kabel gestuurd wordt, dit gebeurt op dezelfde pinnen als RGB. Een goed voorbeeld (erg fout van Sony in ieder geval) is de PlayStation 2: als je die met RGB aansluit op je TV krijg je bij DVD playback foutieve kleuren, omdat Sony YUV heeft gebruikt ipv RGB en deze dus over dezelfde pinnen jaagt.
Naast deze signalen bevat SCART ook control-signalen. Hierdoor schakelt een TV bijvoorbeeld automatisch over naar het video-kanaal wanneer er op 'Play' gedrukt wordt.
Let goed op dat, wanneer je een SCART kabel koopt, alle pinnen (of in ieder geval alle benodigde pinnen) zijn verbonden. Er zijn namelijk (goedkopere) SCART-kabels op de markt, die alleen of composite of s-video of RGB hebben verbonden.
2. Video uitzend signalen
De titel van dit hoofdstuk is even vrij vertaald vanuit het Engels (video broadcast signals). De meest voorkomende standaarden worden in dit hoofdstuk behandeld, te weten: PAL, NTSC en SECAM.
Dit zijn dus andere signalen dan de voorgaande video signalen. Broadcast signalen bevatten timing informatie, die o.a. je TV toestel vertellen wanneer het volgende 'plaatje' (frame) gedisplayed mag worden (ik neem aan dat je weet dat bewegend beeld uit afzonderlijke plaatjes bestaat ).
En ook voor deze signalen zijn verschillende standaarden. Omdat er op de wereld twee verschillende wisselstroomfrequenties gebruikt worden (50 Hz en 60 Hz) is dit meteen de eerste oorzaak van een splitsing in twee standaarden: respectievelijk werkend met 25 en 30 frames per seconde.
NTSC. De meeste 60 Hz landen gebruiken de NTSC (National Television Standards Committee, sommigen noemen het ook wel spottend Never Twice the Same Colour) standaard. Belangrijkste landen: Verenigde Staten en Japan).
In een gesloten systeem werkt NTSC goed, bij broadcast kunnen kleuren echter in het spectrum verschuiven.
PAL. Een oplossing hiervoor werd gevonden in PAL (Phase Alternate Lines). PAL wordt in enkele 60 Hz landen gebruikt, bijvoorbeeld in Brazilië. PAL heeft ook meer horizontale lijnen dan NTSC: 625 tov 525.
50 Hz PAL wordt in veel meer landen gebruikt, vooral in Europese landen, zoals Nederland, België en Duitsland. Frankrijk echter niet...
SECAM. Frankrijk kwam met het in eigen keuken (hence de woordkeus: Franse keuken, lamaar...) ontwikkelde SECAM (SEquential Couleur Avec Memoire, in Amerika ook wel gekscherend System Essentially Contrary to American Method genoemd). Naast Frankrijk wordt SECAM ook in voormalige Oost-blok landen gebruikt. Reden voor het gebruik van SECAM daar was om de incompatibliteit met Westerse landen te vergroten.
Nadeel van SECAM is dat signaalbewerking wat moeilijker is. Veel videobewerking apparatuur gebruikt intern PAL en zet het later pas om naar SECAM. Hetzelfde geldt voor TV-stations: die gebruiken intern vaak PAL en pas bij uitzending zetten ze het signaal om naar PAL. Eigen schuld zullen we maar zeggen .
3. Videodrager standaarden
In dit hoofdstuk worden de meest (nu nog) voorkomende videodragers (dragers? ja banden en schijfjes) behandeld, te weten: VHS, S-VHS, Video8, Hi8, VCD, SVCD en DVD. CD-I noemen we dus express nie...
VHS staat voor Video Home System en werd speciaal ontwikkeld voor de thuismarkt. Het was van origine een ontwikkeling van JVC, die het in 1976 (!) introduceerde. Later werd het als standaard verheven. De kwaliteit van deze videobandstandaard was slechter dan bijvoorbeeld Betamax en Video2000, maar door een betere marketing (veel $$$ $$rn$ op VHS aanbieden) zitten we nu nog steeds met dit formaat opgescheept.
S-VHS staat voor Super-VHS en is van een betere kwaliteit dan VHS. Het verhoogt de resolutie naar 425 beeldlijnen.
Video-8 is een alternatief videoformaat van Sony. De kwaliteit komt overeen met VHS, maar fysiek zijn de videobanden veel kleiner. Het is een heel populair formaat (geweest) voor camcorders. Overigens konden sommige apparaten op een apart spoor digitaal geluid opnemen.
Hi-8 is een verdere ontwikkeling van Video-8 en biedt (net zoals S-VHS t.o.v. VHS) een betere kwaliteit.
DV en MiniDV. DV staat voor Digital Video en is de digitale opvolger van de analoge videobanden (zoals VHS en Hi-8). Het maakt gebruikt van een eigen compressiemethode. De datarate is 3,5 MB/sec, geluidskwaliteit is 16 bit stereo of twee sporen van 12 bit. MiniDV is een kleinere uitvoering (tot 1 uur opnametijd) van de tape voor in gebruik van camcorders.
VCD, of voluit VideoCD, werd in 1993 door meerdere bedrijven op de markt gebracht als de digitale opvolger van VHS. Het is gebaseerd op de compact disc. Door compressie met MPEG-1 wordt de kwaliteit ervan vaak vergeleken met die van VHS. Het gebruikt voor PAL een resolutie van 352x288 en een datarate van 1.2 MB/s (25 frames/sec). Het formaat wordt door veel DVD-spelers ondersteund. Geluidskwaliteit is 224 kbit/s MPEG-1 Layer2.
SVCD, of voluit Super-VideoCD is een verbetering van de VideoCD. Ook weer gebaseerd op de compact disk. Het gebruikt MPEG-2 i.p.v. MPEG-1 en daardoor is de kwaliteit in PAL opgekrikt naar 480x576 bij dezelfde datarate. Minder dan DVD, maar beter dan VHS en VideoCD. Het ondersteunt trouwens ook tot 4 verschillende ondertitels. De geluidskwaliteit kan verschillen van 32 tots 384 kbit/s MPEG-1 layer2 of MPEG-2 met tot twee aparte audiosporen.
DVD-Video, staat voor Digital Versatile Disk. Waar SVCD gebaseerd is op Compact Disc, gebruikt DVD een aantal technieken (2 lagen aan iedere zijde) zodat er maximaal 17 gigabyte op past voor maximaal 8 uur high-quality video, of 30 uur video in VHS kwaliteit.
Net zoals SVCD maakt DVD-Video gebruik van MPEG-2, maar het ondersteunt ook MPEG-1 nog. Maximale bitrate is 9.8 MBps. De maximale resolutie (in PAL) is 720x576. Daarnaast heeft DVD-Video de volgende features: Support voor widescreen (4:3 en 16:9), tot 8 tracks met 8-kanaals digitale audio (multi-language etc), tot 32 verschillende ondertitels en tot 9 verschillende camera hoeken.